Zakelijke leningsovereenkomst
Bij een zakelijke lening (van bank, investeerder of aandeelhouder) is een schriftelijke leningsovereenkomst essentieel. De overeenkomst regelt: het leningsbedrag, de rente (vast of variabel), het aflossingsschema, de looptijd, de zekerheden (pandrecht, hypotheek, borgstelling), de onmiddellijke opeisbaarheidsgronden, en de gevolgen bij niet-nakoming. Bij een DGA-lening aan de eigen BV gelden aanvullende fiscale regels (de Wet excessief lenen).
Zekerheden en convenanten
Banken eisen zekerheden: pandrecht op inventaris en debiteuren, hypotheek op onroerend goed, persoonlijke borgstelling van de DGA, en financiële convenanten (solvabiliteitsratio, DSCR). Convenanten zijn financiële voorwaarden waaraan het bedrijf moet blijven voldoen gedurende de looptijd. Bij schending van een convenant kan de bank de lening direct opeisbaar stellen.
Wet excessief lenen uit de BV
Sinds 2023 worden DGA-leningen boven €700.000 bij de eigen BV belast als inkomen in box 2. Het meerdere wordt behandeld als fictief regulier voordeel. Eigenwoningschulden zijn uitgezonderd. Als DGA met een lening boven €700.000 moet u overwegen om af te lossen of de lening om te zetten in een eigenwoningschuld. Leg de leningsovereenkomst formeel vast met zakelijke voorwaarden (rente, aflossing) om discussies met de Belastingdienst te voorkomen.